Op de hoogte blijven





Ajax Life Supportersblad

Europees kampioen, wereldkampioen en in 2008 ook nog eens Olympisch kampioen: de Nederlandse hockeyvrouwen hebben onder leiding van Marc Lammers belangrijke grote prijzen gewonnen. Lammers schreef twee jaar geleden het boek ‘coach doe je samen'.

"Het is typisch Nederlands om te kijken naar wat niet goed gaat. Dat gebeurt in de sport, maar ook op school. Van een vier een zes maken is belangrijker dan van een acht een tien. Alles moet voldoende zijn, terwijl je uiteindelijk toch wil excelleren in wat je al goed kan.
In de sport wordt ook te veel gekeken naar wat niet goed gaat. We willen van een schildpad een haas maken. Ik heb het zelf ook geprobeerd bij Oranje. Sylvia Karres had moeite met haar backhand. Ik liet haar daar dus vaak op trainen, met haar teamgenoten zagen dat ze het niet kon en gingen haar juist onbewust tijdens wedstrijden op haar backhand aanspelen. Ik riep op een gegeven moment zelfs dat ze dat niet moesten doen.
Het brein kent het woord ‘niet' niet. Als ik zeg: denk niet aan een roze olifant, ga je er juist wel aan denken. Een van mijn speelsters zei toen: ‘Hoe moeten we haar dan wel aanspelen?' Ik wist het niet. Ik heb met Karres gepraat, en zij gaf aan dat ze graag aangespeeld wilde worden op haar forehand, omdat ze dan de bal kon tippen. Op het WK van 2006 werd ze topscorer met zes treffers, waarvan vijf door een ‘tip in'.
Door bezig te zijn met de dingen die sporters wel kunnen, neemt het zelfvertrouwen toe. Van Basten heeft als voetbalcoach echter de moeilijkheid dat zijn omgeving is gefocust op de korte termijn, op de resultaten. Zijn die slecht, moet er wat gebeuren. Maar de resultaten zeggen ook niet alles over een teamproces. AZ is daar een mooi voorbeeld van. Vorig seizoen waren de resultaten slecht, maar keek Louis van Gaal vooral naar de statistieken die het proces meten. Die waren op zich goed. Dat komt er dit seizoen uit. Hij kreeg de tijd en het vertrouwen. Die moet Van Basten ook krijgen."