Op de hoogte blijven





Microsoft interview, Innovatie IT en Samenleving

Het succes van het Nederlands dameselftal hockey (2e Olympische Spelen 2004, 1e Champions Trophy 2004) komt niet uit de lucht vallen. Hoewel Nederland een echt hockeyland is en we aan talent geen gebrek hebben, moet het team toch hard knokken om aan de top te blijven. Sinds Marc Lammers in 2001 het stokje heeft overgenomen van Tom van ’t Hek, is er veel veranderd voor de hockeyvrouwen. “In 2001 hebben we besloten er fulltime mee aan de slag te gaan. We trainen sindsdien niet meer vier keer in de week, maar acht keer in de week. Als je de beste van de wereld wilt zijn, dan zul je minimaal net zo hard moeten werken als de concurrentie. Dat is de basis. Vervolgens helpt technologie ons op het gebied van analyse en communicatie, om ons te onderscheiden van de concurrentie”, vertelt Marc Lammers gedreven.

Sinterklaasstick
Lammers is zeer toegewijd aan de sport en het elftal. “Sinds mijn aantreden in 2001 is het voor het eerst dat een coach er fulltime mee bezig is. Het is allemaal een stuk professioneler geworden. Vroeger was het een gezelligheidssport en nu is het echt een topsport geworden.” Lammers is ook een pionier in het gebruik van technische hulpmiddelen in de hockeysport. “Ik ben daar redelijk modern in. Ik schuw er niet voor middelen te gebruiken om net even beter te zijn dan mijn tegenstander.” De middelen die Lammers gebruikt zijn talrijk. Zo heeft hij in samenwerking met TNO een videobril laten maken om goed zicht te hebben bij corners, de vrouwen hebben met ‘oortjes’ in gespeeld en ze trainen altijd met hartslagmeters. Lammers baarde veel opzien toen hij de zogenaamde ‘sinterklaasstick’ introduceerde, een hockeystick met een enorme kromming erin. “Het was niet meer dan een reclamestunt. Ik had in die tijd een groothandel in hockeysticks die ik importeerde uit Pakistan, maar ik had geen geld om reclame te maken. Toen liet ik die rare stick ontwerpen en ineens kreeg ik enorme naamsbekendheid.” De hockeybond was er minder blij mee en verbood de stick. “Ik had er gelukkig niet veel gemaakt en ondertussen verkocht ik wel veel meer gewone hockeysticks.”

Lammeren
Niet alleen technologisch is Marc Lammers inventief, ook tactisch bedenkt hij wel eens iets nieuws. Hij verkent daarbij de grenzen van het reglement. “Toen ik zelf bij Den Bosch speelde, hadden we geen goede corner. Toen dacht ik: als ik voor de keeper ga staan, dan ziet hij niks. De keeper kon op die manier de bal niet meer zien en mijn teamgenoot schoot hem in de hoek. Het enige risico was dat ik de bal in mijn rug zou krijgen.” Deze tactiek werd, hoe kan het ook anders, ‘Lammeren’ genoemd. Niet iedereen was er blij mee, sommigen vonden het oneerlijk spel. Het werd snel verboden, maar niet om die reden. “In het reglement staat niet dat je niet in het zicht van de keeper mag staan, maar het is verboden vanwege het gevaar geraakt te worden door een bal.”

Banden spoelen
Maar meer nog dan tactiek, is Lammers bezig met techniek. Ik ben via NOC * NSF in contact gekomen met TNO waar ik nu veel mee samenwerk.” Maar een ding benadrukt Lammers keer op keer: “De technologie is geen doel op zich. Het komt altijd voort uit een evaluatie.” Zo was Lammers tijdens de Olympische Spelen van 2000, toen hij het Spaanse team coachte, uren kwijt aan het analyseren van de videobeelden van de wedstrijd. “Banden terugdraaien, opzoeken waar die corner was, enzovoort.” Na de Olympische Spelen dacht Lammers: dat kan sneller. “Toen kregen we via NOC*NSF software aangeboden van het Duitse bedrijf Ultilitys, om videobeelden makkelijker weg te zetten. Dus vanuit een vraag van mij is er toen vernieuwing gekomen.”

Eén grote cinema
Tijdens die Olympische Spelen merkte Lammers ook dat hij maar weinig zicht had op het veld. Vooral bij strafcorners had hij graag wat zicht van boven willen hebben. “Na de wedstrijd zie je altijd heel mooi die beelden terug, maar ik wilde ze eigenlijk tijdens de wedstrijd al kunnen zien.” Lammers wenste dus tijdens te wedstrijd videobeelden op de bank te kunnen bekijken. Zijn vraag werd beantwoord door middel van een laptop en een heel lang snoer naar de camera. “Maar als de zon scheen, dan kon ik niet goed meer op mijn laptop kijken. Toen kreeg ik een tv, maar na een regenbui knalde die tv uit elkaar.” De technisch adviseur van de hockeybond bood uitkomst. “Hij kwam uiteindelijk met de videobril. Het is een bril met twee kleine schermpjes erin, het is net één grote cinema. Ik kan dan direct feedback geven waar de ruimte voor de corner ligt. Ik krijg het beeld van de corner ook in de herhaling te zien.”

Spelen als Robotten
Marc Lammers kon die informatie vervolgens direct doorgeven door middel van ontvangertjes die de vrouwen in hun oor hadden. “Eerst gaf ik tekens door als ik met mijn bril had gezien waar de ruimte lag voor een strafcorner. Maar de tegenstanders gingen mijn tekens opnemen. Na een jaar hadden ze mijn tekens allemaal door.” Lammers begon argwaan te krijgen. Toen zag hij bij het wielrennen dat de ploegleider contact had met zijn wielrenners. “Ik heb toen het reglement bekeken, maar er stond niets in over telecommunicatie met de speelster. Dus dan mag het.” De speelsters hebben vervolgens een jaar lang met de ontvangertjes in gespeeld. Niemand had het door.” Lammers bleef tekens geven, maar die sloegen nergens op. “De Argentijnse coach heeft nog uren naar die beelden van mij gekeken, hij begreep er niets van.” Men kwam er pas achter toen op een paar foto’s een gehoorapparaatje te zien was. “Een fotograaf zei tegen mij: Toch wel knap dat Ageeth Boomgaardt zo goed kan hockeyen terwijl ze doof is. Algauw begreep men dat ze helemaal niet doof was.”
Het spelen met zendertjes is voorlopig niet meer toegestaan. De angst bestaat dat China en Korea gedurende de hele wedstrijd met de spelers blijven praten en ze aansturen als robotten. “Dat heb ik zelf ook nooit gewild. Dat is niet de bedoeling van sport. Daarom vind ik het ook niet heel erg dat ze het afgekeurd hebben.” Gelukkig kan Lammers nog steeds tijdens de wedstrijd communiceren met de speelsters. “net als bij ijshockey, hebben we bij hockey interchange. De speelsters mogen tijdens de wedstrijd er uitgehaald worden. Je kunt het dan uitleggen en het laten zien met de bril.

Autoritair
Lammers heeft ook nog wat nieuwe ideeën op stapel staan. “We zijn bezig met een persoonlijk ontwikkelingsplan te digitaliseren. De speelsters kunnen er dan overal aan werken. Het ontwikkelingsplan bestaat uit fysieke begeleiding, er is een voedingsdeskundige en een inspanningsfysioloog. Ook kunnen er beelden in op geslagen worden die overal en altijd te bekijken zijn. Bijvoorbeeld beelden van de tegenstander of van de speelster zelf.” Overdreven? Marc Lammers vindt van niet: “Topsport gaat om details. Ook vergroot het, het bewustzijn van de speelsters. Vroeger was de coach heel autoritair en wachtten de speelsters af wat de coach zei en wat er gedaan moest worden. Ik denk dat het er steeds meer naartoe gaat dat je moet proberen de speelsters zelf hun eigen coach te laten zijn.

Eenheidsworst
Lammers krijgt wel eens kritiek op zijn snufjes. Is het eigenlijk wel eerlijk om technische middelen te gebruiken die de tegenstander niet heeft? Zelf ziet hij er geen kwaad in. “Met de innovatie alleen win je geen wedstrijd.” Lammers is van mening dat iedereen bepaalde kwaliteiten heeft. “Het gaat erom dat je die kwaliteiten excelleert. In Spanje gaan ze uit van je kracht, niet van je zwaktes. In Nederland slaan we een beetje door in het almaar willen verbeteren waar we niet goed in zijn. Dan krijg je allemaal dezelfde speelsters, eenheidsworst”

Heren China
Het grootste doel wat Lammers op dit moment voor ogen heeft is het winnen van de WK in 2006. Dan loopt ook zijn contract af bij het dameselftal.“Ik wil eigenlijk tot de Olympische spelen in 2008 de dames blijven coachen. Daarna zien we wel. Misschien de heren. Of heren China…” Lammers is luchtig over zijn toekomst. “Mijn kracht en ambitie liggen bij coaching, in management. En dat hoeft niet persé in de hockeywereld te zijn, dat kan ook in het bedrijfsleven zijn of in een andere sport. Ik kijk nooit zo ver vooruit. Alles is altijd op me af gekomen. Als je gewoon hard werkt, goed je best doet en zorgt dat je beter bent dan de dag van gisteren, dan komen de uitdagingen vanzelf.”